
Leerlingenvervoer ook in Leidschendam-Voorburg nog altijd onder druk
Actueel 973 keer gelezenLeidschendam-Voorburg - Het leerlingenvervoer staat zowel landelijk als lokaal al langere tijd onder druk. Structurele problemen zoals chauffeurstekorten, complexe planning en een groeiend aantal leerlingen maken het huidige systeem steeds moeilijker uitvoerbaar.
Ook in Leidschendam-Voorburg wordt deze problematiek gevoeld. Het college van burgemeester en wethouders kiest daarom voor een bredere en toekomstgerichte aanpak, waarin leerlingenvervoer niet langer alleen wordt gezien als een logistiek vraagstuk, maar als een essentieel onderdeel van het recht op onderwijs en welzijn van kinderen.
Kinderen die afhankelijk zijn van leerlingenvervoer moeten veilig, betrouwbaar en zo zelfstandig mogelijk naar school kunnen reizen. Wanneer dat niet lukt, heeft dit gevolgen voor hun leerprestaties, welzijn en voor de rust binnen gezinnen en klassen. Het college sluit met zijn koers aan bij landelijke oproepen, waaronder die van de Kinderombudsman, om leerlingenvervoer te benaderen als een vorm van zorg. Daarbij wordt ingezet op nabij onderwijs, het stimuleren van zelfstandig reizen waar mogelijk en het creëren van rust en regelmaat voor leerlingen die aangewezen blijven op vervoer.
Lokaal wordt actief regie gevoerd op de uitvoering en kwaliteit van het vervoer. Er wordt vooruitgekeken naar het aflopen van het huidige contract met de vervoerder in 2027 en onderzocht of regionale samenwerking kan bijdragen aan een efficiënter systeem. Ook wordt het leerlingenvervoer nadrukkelijk verbonden met thema’s als zorg, jeugdhulp en inclusief onderwijs, in lijn met de Lokale Educatieve Agenda en het beleid ‘Sterkere basis voor jeugd’.
Een belangrijke stap is de actualisatie van de Verordening leerlingenvervoer Leidschendam-Voorburg. Deze nieuwe verordening wordt begin 2026 aan de gemeenteraad aangeboden en moet per schooljaar 2026-2027 ingaan. De aangepaste regels zijn gebaseerd op een landelijke modelverordening en bevatten onder meer meer ruimte voor maatwerk, het stimuleren van zelfstandigheid via vervoerstrainingen en persoonlijke vervoersontwikkelingsplannen, en het beperken van administratieve lasten voor ouders en gemeente.
Bij de totstandkoming van de verordening is uitgebreid gesproken met ouders, kinderen, scholen en adviesraden. Ook is een kinderrechtentoets uitgevoerd, waaruit blijkt dat kinderen overwegend tevreden zijn, maar verbeteringen wensen op het gebied van reistijd, stiptheid en vaste chauffeurs. Deze input is meegenomen in de voorstellen.
Het college benadrukt dat de verordening slechts één onderdeel is van een bredere beweging. Via structureel overleg met partners, monitoring van de uitvoering en mogelijke nieuwe aanbestedingen wordt gewerkt aan een duurzaam, betrouwbaar en toekomstbestendig leerlingenvervoer, waarbij het belang van het kind altijd centraal staat.
















