Afbeelding

Column: JOSHUA & XIAO

Columns 30 keer gelezen

Joshua lacht. Hij kijkt innemend in de camera. Elf jaar en aan het begin van het leven. Dan de ramp. Joshua verliest zijn moeder en zusje. Vader ligt zwaar gewond in het ziekenhuis. Maar Joshua lacht met een twinkeling in de ogen en een gaaf ontbloot gebit.

Ronald Lamping

Voor de knul is niets over. Geen huis, geen moeder, geen zus. ‘Slechts’ een zwaar gehavende vader, waarvan hij moet afwachten of vader nog herstelt. Joshua hoorde, dat hij op de poster stond in het onbekende verre Europa. Ja, dat was wel leuk en opnieuw lachte hij stralend al zijn witte tanden bloot.

Xiao Wang werd door Gordon voor gek gezet. Een grapje over “39 met rijst” slikte hij manmoedig weg. Gordon had snel de lachers op zijn hand. Dus verhaspelde hij alle woorden naar het zo clichématig gebroken Engels. Nederland lag dubbel toen Gordon dan ook stereotypisch wist: “Wat een sulpice!”

De grenzen bij Gordon zijn al jaren opgerekt. Als u een boer laat, komt u daar niet mee weg en zal het gezelschap er schande over spreken. Als Gordon een harde boer laat, ligt Nederland aan het infuus, dat ze overigens moeten delen met Geer, die lacht met het geluid van een opengedraaide colafles, waar eerst eens goed mee is geschud.

Gordon laat op tv een scheet en weer gaat Nederland door de remmen. Hij mag alles. Choqueren en uitdelen. Humor kun je hem niet ontzeggen. Adrem als de beste. Gordon weet alleen niet meer, dat er zèlfs voor hem een limiet is. Die demarcatie is vervaagd door het onophoudelijke succes van zijn kwestieuze grappen, die hem de bijnaam ‘Goor’ gaven.

 Joshua kan geen kant op. Zijn leven is vroegtijdig gestrand. Op de leeftijd van elf jaar wordt hij een overlever, die aan de kost moet komen. Geholpen door een oom. Dat wel. Nooit meer een knuffel van zijn moeder. Nooit meer met het gezin samen. Als hij ‘geluk’ heeft, blijft hij over met een gemankeerde vader waar hij voor moet zorgen. Toch lacht hij ons toe.

Xiao Wang zegt niets terug. Hij laat de waterval van ongein ogenschijnlijk gelaten over zich heen gaan. Gordon heeft de lach aan zijn kont hangen. Vandaar, dat hij moeiteloos door de remmen van het betamelijke trapt. Hij weet, dat de kijker hem zal vergeven onder het voor hem gangbare predikaat: “Zo is hij nou eenmaal!”

Joshua en Xiao zijn Aziaten. In hun cultuur past het niet om emoties te tonen. Ze lachen en slaan het verdriet of de krenking slechts op. Het is voor hen niet gepast om zich openlijk te uiten. Dat ligt niet in hun aard. Joshua is emotioneel kapot tot op het bot, maar hij lacht. Xiao voelt zich publiekelijk bespot, maar hij zwijgt. Dus zet Gordon er nog een tandje bij.

“Hij is de beste Chinees, die ik de afgelopen tijd heb gehad. En dan bedoel ik niet de afhaal Chinees”. Ons land rolt van de bank. Die Gordon toch! Het moet allemaal kunnen, want wij zijn een tolerant land. Zo tolerant, dat een voormalige marktkoopman ongegeneerd een talentvolle Chinees door de zeik mag halen. Goedkoop en smakeloos.

Over humor valt niet te twisten. Je maakt zelf wel uit, wat je wel of niet leuk vindt. Dat is waar. Geëngageerd of Van Duin. Kies. Helaas zijn we aangeland op het niveau, dat de boodschapper ontkomt en de ontvanger wordt gemangeld. Zo weet ons volk: “Als je naar Gordon gaat, dan weet je wat je te wachten staat!” Dus: “Eigen schuld!”

Dat blijkt een vrijbrief voor Gordon om achteloos en onbeschroomd over te gaan tot beledigen, kleineren en grieven. Is dat onze cultuur, ons niveau? Xiao Wang keek slechts naar Gordon en incasseerde lijdzaam, terwijl zijn gedachten afdwaalden naar de oudste Aziatische wijsheid:

‘Spreken is zilver, zwijgen is goud!’

Uit de krant