Beheer sportaccommodaties op orde
De gemeenten Leidschendam-Voorburg beheert haar sportaccommodaties op een planmatige en financieel verantwoorde manier. Dat concludeert de Rekenkamer WVOLV na onderzoek naar het beheer van sporthallen, zwembaden en sportvelden.
Volgens de Rekenkamer zijn de kosten voor onderhoud, nieuwbouw en vervanging van sportaccommodaties goed in beeld. De gemeente houdt hier in haar begroting rekening mee en anticipeert tijdig op toekomstige investeringen. Sportaccommodaties spelen een belangrijke rol. Er zijn veel sportverenigingen actief en de beschikbare sporthallen, zwembaden en sportvelden maken het mogelijk om uiteenlopende sporten te beoefenen. Tegelijkertijd brengen deze voorzieningen structurele kosten met zich mee voor onderhoud en soms grote investeringen voor renovatie of vervanging.
Niet alle sportaccommodaties zijn echter in gemeentelijk bezit. De Rekenkamer heeft vooral gekeken naar de vraag of het beheer in de gemeente planmatig wordt uitgevoerd en financieel op orde is.
De Rekenkamer doet wel een aantal aanbevelingen. Zo adviseren de onderzoekers om sportbeleid, accommodatiebeleid, beheer, onderhoud en verduurzaming meer integraal te benaderen. Een hulpmiddel daarbij kan een zogenoemd Integraal Huisvestingsplan (IHP) Sport zijn. Daarnaast benadrukt de Rekenkamer het belang van meer bovenlokaal overleg over sportaccommodaties. Door beter samen te werken kunnen gemeenten ontwikkelingen in sportbehoefte en voorzieningen in de regio beter op elkaar afstemmen. Burgemeester en wethouders hebben laten weten zich grotendeels te kunnen vinden in de conclusies en aanbevelingen van het onderzoek.