
Schaap betrapt met geit
HistorieVoorburg - Dieren in de wei worden meestal met rust gelaten door de bevolking. In sommige gevallen staat er een hek omheen, maar dat is meestal om het vee op het land te laten en niet omdat ze geroofd zouden kunnen worden door ‘belangstellenden’ die handel zien. Maar in de oorlogsjaren verschoven de regels voor mijn en dijn langzamerhand. Vooral op het einde van de oorlog met de hongerwinter.
Door F.J.A.M. van der Helm
In de oorlogsjaren was de criminaliteit niet minder dan in andere jaren. Het inbrekersgilde had het even druk als anders, ofschoon ze tijdens spertijd niet gesnapt mochten worden op straat. De politie had de handen vol aan hun normale werkzaamheden, zoals dat ook voor de oorlog was. Op zondag 1 oktober 1944 kwam bij de Voorburgse politie een merkwaardig telefoontje binnen: er zou een geit worden geslacht achter de spoorbaan Voorburg – Den Haag ter hoogte van de Fransstraat en de Koningin Wilhelminalaan
Wachtmeester Van der Kaaij ging onmiddellijk tot actie over en spoedde zich naar de doorgegeven plek. Daar aangekomen was aanvankelijk niets te zien wat op een slachting leek. Maar bij nader onderzoek zag hij een jongen lopen met een geit aan de andere zijde van de spoorlijn in de Haagse Binckhorstpolder. De diender reed via de spoorwegovergang naar de knul toe en hield hem staande. De politieagent ondervroeg het ventje en nam hem -inclusief geit- mee naar het bureau, waar de geit werd gestald achter de garage.
De gearresteerde puber bleek een 15-jarige jongen uit de Haagse Schilderswijk die luisterde naar de naam Johannes Schaap. Het joch had geen werk en was aan het zwerven gegaan en kwam toen in deze omgeving terecht. Op een aardappelveldje zag hij de geit, aldus zijn bekentenis. Op de vraag wat Schaap met de geit van plan was te doen, zei de jongen dat hij hem naar het politiebureau wilde brengen aan het Haagse Huygenspark.
Nou was het geval dat in Leidschendam een geit was gestolen uit het weiland van Uitterlinde, waarvan E. de Leeuw uit de Herenstraat eigenaar was. Koortsachtig werd gerechercheerd of de werkeloze knaap iets met deze diefstal te maken had. Hiertoe werd heen en weer gefietst en gebeld met als uiteindelijke resultaat dat het een andere geit betrof. Johannes Schaap trof geen blaam bij deze diefstal, maar waar kwam de geit dan vandaan?
Opnieuw ging de politie op zoek naar elders vermiste geiten. Het duurde een hele poos. De beesten bleken erg gewild in de oorlog zowel vanwege de melk als het vlees. Via via kwam de politie terecht bij Krijn van Tilburg die de rechtmatige eigenaar bleek te zijn van het dier. De geit werd overgebracht naar zijn adres aan de Heeswijkstraat 107, waar de eigenaar de geit dankbaar in ontvangst nam. Het raadsel van de geit was hiermee opgelost en de jonge Schaap kon worden heengezonden. Het was inmiddels 14 uur en de geit en Schaap hadden de politie al de hele ochtend zoet gehouden.
Reacties naar helmhuis@ziggo.nl.
















