
Stand van zaken ontwikkeling Vlietland Noord
Actueel 1.128 keer gelezenLeidschendam - Het college van Leidschendam-Voorburg heeft de gemeenteraad vorige week een brief gestuurd met informatie over de stand van zaken met betrekking tot het bestemmingsplan doorontwikkelingVlietland-Noord, zie 3497 Raadsbrief Informeren raad inzake stand van zaken doorontwikkeling Vlietland-Noord 5 MB.
In de zomer van 2022 lag het ontwerpbestemmingsplan voor Vlietland Noord ter inzage. Hierop heeft de gemeente 38 zienswijzen ontvangen. De wijze waarop deze zienswijzen zijn verwerkt, is opgenomen in een zgn. zienswijzenota. Deze nota wordt samen met het definitieve bestemmingsplan toegezonden aan de raad zodra de stukken klaar zijn voor besluitvorming.
Ruimtelijke kwaliteit en klimaatadaptatie
Eén van de zienswijzen was de zienswijze van de Provincie Zuid-Holland (PZH). De zienswijze ging specifiek in op de ruimtelijke kwaliteit en de klimaatadaptatie. Naar aanleiding van de zienswijze van PZH is enkele malen overleg geweest met PZH waarvan één keer over de uitwerking van de zienswijze en het onderdeel ruimtelijke kwaliteit. Hieruit blijkt dat de bezwaren op het gebied van klimaatadaptatie (met name het onvoldoende zicht hebben op de vraag in hoeverre bij de ontwikkeling rekening is gehouden met klimaatadaptatie) zijn weggenomen met een eerste aanpassing. Op het gebied van de ruimtelijke kwaliteit wil PZH meer garanties ten aanzien van de totaalinpassing van het recreatiepark in het gebied.
Ten tijde van de terinzagelegging van het bestemmingsplan in juni 2022 gold dat een stikstofberekening voor de bouwfase niet nodig was. Dit is gewijzigd door een uitspraak van de Raad van State op 2 november 2022. Op basis hiervan wordt een nieuwe AERIUS-berekening gemaakt waarin de stikstofuitstoot tijdens de zowel bouw- als gebruiksfase wordt bepaald. Zodra deze berekening gereed is, zal de gemeente deze beoordelen en voorleggen bij de ODH voor een onafhankelijke toetsing. De uitkomst van de berekening zal uiteraard altijd aan de geldende wettelijke normen moeten voldoen.
Zodra de zienswijze van PZH op een juiste manier is verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan én de stikstofberekening is getoetst en akkoord bevonden door de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) is het ontwerpbestemmingsplan klaar voor het besluitvormingstraject. Het college zal besluiten of aan alle eisen en wensen zoals gesteld door het college is voldaan. Indien dat het geval is zal het college het, dan, definitieve bestemmingsplan voor besluitvorming aanbieden aan de raad. De verwachting is dat het definitieve bestemmingsplan in het eerste kwartaal van 2024 wordt verzonden aan de raad.
Scenario’s
Zodra het bestemmingsplan ter vaststelling bij de raad voorligt, kunnen zich, afhankelijk van standpunten/ wensen van de raad, verschillende scenario’s voordoen.
In scenario A stemt de raad in met het ontwerpbestemmingsplan waardoor een recreatiegebied kan worden ontwikkeld waarin in plaats van 120 recreatieappartementen en 102 recreatiewoningen, 222 grondgebonden recreatiewoningen kunnen worden gerealiseerd.
In scenario B stemt de raad niet in met het ontwerpbestemmingsplan voor de bouw van 222 grondgebonden recreatiewoningen. Tegelijkertijd neemt de raad geen besluit over de intrekking van het huidige bestemmingsplan. In dat geval zal - zo blijkt uit gesprekken met DLR – DLR de voorzieningen in het huidige bestemmingsplan realiseren met 120 recreatieappartementen, 102 recreatiewoningen en alle andere voorzieningen bij de recreatiewoningen conform het vigerende bestemmingsplan.
In scenario C stemt de raad niet in met het ontwerpbestemmingsplan voor de bouw van 222 grondgebonden recreatiewoningen. Tegelijkertijd neemt de raad een besluit over de intrekking van het huidige bestemmingsplan. De te verwachten juridische en financiële gevolgen zijn bij ditscenario zeer ingrijpend. Het college heeft zijn visie op die gevolgen geschetst in de raadsbrief 3094 en gaat er van uit dat de raad ook zelf inmiddels voldoende inzicht heeft in de mogelijke consequenties van dit scenario.
Participatie
Veel is gezegd en geschreven over participatie met omwonenden. Dit is tot nu toe niet gedaan omdat participatie over de vraag OF er recreatiewoningen kunnen komen, sinds de uitspraak van de Raad van State uit 2010 niet meer aan de orde is. Op grond van het bestaande onherroepelijke bestemmingsplan mogen er 222 recreatiewoningen komen evenals allerlei andere nieuwe voorzieningen. Hierover kan niet meer geparticipeerd worden.
Wel kan geparticipeerd worden over de vraag hoe het gebied kan worden ingericht zodra de kaders (= bestemmingsplan) duidelijk zijn. Dit wordt vastgelegd in het zgn. inrichtingsplan. De gemeente en projectontwikkelaar hebben in september 2022 aangegeven over dit inrichtingsplan breed te gaan participeren met omwonenden en andere belanghebbenden. In het inrichtingsplan worden zaken vastgelegd als:
-Precieze plaatsing van de recreatiewoningen;
-Wijze van bestrating;
-Soorten beplanting en precieze locatie van beplanting waaronder bomen, struiken en grondbedekkers;
-Aanleg van bijvoorbeeld een voedselbos/ pluktuin;
-Aankleding van het gebied (denk hierbij aan bankjes, speeltoestellen etc.).
Het inrichtingsplan en de zaken die daarin worden vastgelegd zijn daarmee zeer gezichtsbepalend voor het gebied en verschillende suggesties die door omwonenden en gebruikers van het gebied zijn en worden aangedragen kunnen meegenomen worden in dit inrichtingsplan.
Interne afweging
Gezien de positie van de provincie in dit dossier heeft het college van B&W Leidschendam-Voorburg de inhoud van de brief afgestemd met de provincie op feitelijke (on)juistheden. Gezien de aard van deze brief, heeft deze afstemming zich beperkt tot de voorgeschiedenis en de weergave van de contractuele posities van de provincie. De afwegingen van het college zijn de interne afweging van het college van Leidschendam-Voorburg. Ook de stand van zaken en toekomstige stappen die het college en de raad van Leidschendam-Voorburg nog gaan nemen, zijn een interne aangelegenheid. Het college van Gedeputeerde Staten heeft op deze punten geen standpunt verwoord.
















