
ACH, ACH!
ColumnWaren vaak in Amerika. Reisde het hele land door. Bezochten talloze bezienswaardigheden. Eén ding viel me altijd op. De vriendelijkheid van de bevolking. Wat gemaakt, maar altijd voorkomend en goed gemutst. Toonden belangstelling of trachten dat te veinzen. Voelde me er altijd prettig bij. Nu de vraag, wat hen in hemelsnaam bezielt?
Hoe kun je als weldenkend mens stemmen op een seniele oude man met overduidelijke verschijnselen van slijtage of op een seksistische leugenaar met akelige narcistische trekken? Hoe denkt dat volk? Land telt 333 miljoen inwoners en dan kom je met dít psychisch gemankeerde koppel. Denk dan: “Ach, ach!” Ach, wat een armoe. Nee, dan Nederland. Wij worden geregeerd door de crème de la crème. Parlement én regering toonden ons hun kunde. Weet niet hoe dit bij u overkwam. Bij mij als één deprimerend treurspel. Een deplorabele vertoning. Van links tot rechts. Een peuterspeelzaal met een kudde jankende peuters. Armoede, een ongekend debacle. Kiezers zijn slachtoffers van gemankeerde ego`s. Schaamteloze schreeuwers zonder enige vorm van fatsoen, redelijkheid en realiteitszin. Motto was scoren. Landsbelang telde niet. Elkaar bevuilen, kleineren. Rotzooi trappen, chaos creëren tot hysterische Agema-huilpartij toe. Ontluisterend en kwetsend tegenover de goedwillende kiezers, die de moeite namen om te stemmen.
Neem de nieuwe premier niets kwalijk. Niemand, helemaal niemand wordt op deze wijze geschoffeerd op de eerste werkdag. Hij wel. Alle decorum verdween als bakboter in een hete braadpan. Hakken, kappen, zagen. Vanaf de eerste minuut. Lekker goedkoop scoren voor de achterban. Onbeschoftheid troef. Schoof bleef echter fier en stoïcijns overeind. Complimenten! Chapeau!!
Kamer én kabinet vergaten, dat ze er zaten om `s lands problemen op te lossen. Wat zij echter deden was de weerzin, die ze jegens elkaar hebben, vergroten. Scheldpartijen, misplaatste berichtjes versturen vanuit vak K. Hoe stom en losgeslagen ben je dan van de essentie van jouw verworven positie? Als dit zooitje voor ons gezamenlijk oplossingen moet zoeken, maak dan je borst maar nat. Onmachtige Kamer, terwijl in de regering enkele leden zitten met nare aanvechtbare uitspraken, die ze nu schijnheilig inslikken om zich vast te kunnen lijmen aan het pluche. Kamer en kabinet, een onhaalbare symbiose.
Balorig parlement zat er niet om ons te dienen, maar om live te scoren. Het ging nauwelijks over te voeren beleid van nieuw kabinet. Men was slechts uit op beschimpen, uitdagen, provoceren. Kiezers vroegen fris beleid, ze kregen slechts gesodemieter en misère. Niet op jacht naar betere tijden, maar naar de scalp van de premier. Ze scalpeerden zichzelf. Verblind door onkunde en onmacht. Iemand riep, dat het net een kleuterklas was. Groep ongecontroleerde huilebalken. Trieste constatering, die juist bleek. Een wonder, dat niemand twee vingers opstak en aan de Kamervoorzitter vroeg of hij even mocht plassen.
Had gekund en dat de Kamervoorzitter dan had gevraagd: “U bent toch net al geweest?” U kunt het antwoord raden : “Ik moet gewoon vaker vandaag!” “Hoezo, dan?”
“Door al dat oeverloze gezeik!”
















