
PROBLEEMDINER
ColumnProbleemdiner! Bestaand woord? Spellingsfout? Niet! Waarom niet? Omdat tegenwoordig bijna alles een probleem of stressgevoelig lijkt te zijn. Dus, probleemdiner? Moet kunnen.
Schamper om gelachen. Herinner me nóg de vraag: “Heeft u kerststress?” Vraag aan gesettelde passant op straat in het serieuze 8 uur journaal. Is daar over vergaderd? Gediscussieerd? Kun je zoiets onbenulligs vragen? Armzalig ongepast SBS 6 niveau.
Stress! Eerst ons overspoelen met uren tv aan vreetreclames en 20 kilo`s aan folders. Aanbiedingen met dreigende boodschap: ‘Op = op!’ Als je de detailhandel mag geloven moet je snel zijn wil je jouw kerstgasten niet gedwongen moeten trakteren op een boterham met kleverige pindakaas van het huismerk. Twee halen één betalen, dat dan weer wel.
Jeugd heeft stress, winkeliers hebben stress, hondeneigenaren hebben al vuurwerkstress en hulpverleners reeds stress door straalbezopen en doorgesnoven tuig op 31 december. En dan leven wij nog in een land, dat in vrede leeft en ons enige zijdelingse contact met narigheid een noodpakket is.
Er zijn mensen, die dát niet goed begrepen en een nootpakket aanschaften met pindarotsjes, cashewnoten, walnoten en kilo`s pistachenoten. Lekker, maar zie me er toch niet de eerste alarmerende 72 uur op kauwen. Drie dagen hazelnoten vreten. Dan is echt de noot aan de man.
Probleemdiner. Geen idee wanneer u dit leest. Misschien vóór eventueel kerstdiner. Kerststress, een typisch westers welvaartssymptoom. Psychisch van de leg raken door keuzestress om het toetje. Wel of gaan ijs, want oma heeft diabetes 9 en opa knoeit zeker zijn overhemd vol vanille-ijs.
Fysiek onpasselijk worden door de schoonmoeder, die militant veganist is en haar smoel niet kan houden als de dampende gevulde kalkoen (“Zielig, zeg!”) op tafel verschijnt.
Dit, terwijl er een aparte schaal met ‘alles wat het Westland te bieden heeft’ voor haar wordt neergepoot: “Zo meid, sla die tofugehakt lekker achterover! Dip in de humus. Zorg, dat je plaats overhoudt voor het soja-ijsje en verder kop dicht!”
Probleemdiner! Kleding? Pak met das? Net shirt, terwijl je weet dat gastheer Joop zijn traditionele achterlijke foute kerstrui aan heeft. (“Geinig, mensen?” “Néé, Joop!!”) ).
En als de sfeer inklapt? Speel rendiertje prik. Niets leuker dan de flink aangeschoten oom te zien wankelen met staart en punaise: “Zal ik jou eens een staartje geven, Truus? Draai je om, meid!”
Eigenlijk is het waanzinnig. In onze kansrijke samenleving met voor de meesten voldoende kansen, raakt een groot deel de kop kwijt. Stress door een vreetfeestje. Wij blijken een verwend zooitje klagers zonder enige reflectie op minderbedeelden en oorlogs- en rampenslachtoffers die het écht ellendig hebben.
Soms tikkie geërgerd over. Stress, geklaag en slap geleuter. Om helemaal niets. Die vetzak met zijn dikke spekbuik en witte baard wist het wel. Hij schonk ons al jaren zijn recept voor stakkers, die zich overdreven druk maakten. Wat hij tegen hen riep?
“Ho, ho, ho!”
















