Afbeelding

Column: BARF

Columns 38 keer gelezen

Afgelopen weekend was ik naar het Feline Symposium in Utrecht. Dit is een jaarlijks terugkerende dag vol lezingen gegeven door specialisten uit binnen- en buitenland. De onderwerpen gaan alleen over katten omdat deze diersoort langere tijd onderbelicht is geweest. Een kat is immers geen kleine hond.

Door Aline Rodt

Een van de sprekers was een oude studievriendin, die nu professor in de voedingsleer is. Haar onderwerp ging over BARF, een fenomeen waar wij steeds meer vragen over krijgen.

Wat is BARF: biological acquired raw foods, of wel, rauw vlees voeding. De stroming is heel breed, je kunt kiezen om een dieet zelf samen te stellen of naar de dierenwinkel te gaan om een voeding uit de diepvries te pakken dat compleet is. Ga je zelf de voeding van je huisdier samenstellen, dat is dat nog niet zo makkelijk als gedacht: je hebt er een dagtaak aan om alle ingrediënten bij elkaar te krijgen in de juiste verhoudingen en je moet rekening houden met wat goed opgenomen wordt in de darmen. Je kunt namelijk wel botten toevoegen aan het dieet als calciumbron, maar dat wil niet zeggen dat het calcium door de darmen goed opgenomen wordt. Compleet rauw vlees bevat een eiwitbron dat verder aangevuld wordt met een mineralen-en vitaminencomplex. Bepaalde aminozuren zijn essentieel voor de kat, zoals arginine en taurine, het is belangrijk dat deze voedingsstoffen ook in het dieet zitten.

De meningen lopen uiteen wat het voeren van rauw vlees betreft. Ik zelf ben er geen grote voorstander van, misschien omdat ik het makkelijker vindt om mijn katten brokken te voeren. De brokken die zij krijgen zijn goed uitgebalanceerd en zij vinden het heerlijk. Er zitten in brokken inderdaad vaak granen, maar alleen bepaalde tarwegranen kunnen tot gluten allergieën leiden. Deze soorten granen worden zelden in diervoeders gebruikt. Er zijn talloze onderzoeken gedaan naar voeders en vertering van voeders bij de kat, de kat blijkt heel goed om te kunnen gaan met koolhydraten in oa andere granen: ondanks het feit dat de darmen weinig verteringsstoffen voor koolhydraten hebben, zijn de verteringsstoffen uitermate krachtig: bijna alles wordt verteerd.

Er wordt vaak aangehaald dat katten in de natuur meer eiwitten binnenkrijgen en veel meer water. Onderzoek heeft aangetoond dat de kat ongeveer 20% eiwitten in zijn voeding nodig heeft, maar dat het dieet van een wilde kat voor bijna 70-80% uit eiwitten bestaat. Maar wilde katten bewegen meer, jagen meer en hebben als levensdoel voortplanten. De gemiddelde levensduur van een wilde kat is ook veel korter dan onze huiskat: gemiddeld 7 tot 8 jaar. Als een huiskat zoveel eiwitten via de voeding binnenkrijgt, dan is de belasting voor de nieren die al die eiwitten moeten verwerken ook groter. Dit zal uiteindelijk leiden tot een korter leven van de huiskat, die nu gemiddeld 17-18 jaar wordt. Naast de grote hoeveelheid eiwitten die de kat binnenkrijgt, is er ook nog het risico dat ontstaat door de bacteriën in rauw vlees: net als voor mensen kunnen deze bacteriën levensbedreigend zijn. Ook de mens kan dan besmet worden door het dier.

Kortom, genoeg om over na te denken. Voorlopig houd ik het op de brokken. Wel krijgen zij nu wat vaker een blikje voer erbij en heb ik op verschillende plekken in huis waterbakken gezet: dan krijgen zij in ieder geval voldoende water.

DierenDokters Voorburg Prins Bernhardlaan 3 2274 HT Voorburg 070-387 2222. www.dierendokters.com.

Uit de krant